ECLI:NL:CRVB:2024:2431
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond verklaard wegens verschoonbare termijnoverschrijding bij griffierechtbetaling
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland, maar dit werd door de Centrale Raad van Beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet tijdig was betaald.
Appellante deed hiertegen verzet, dat op 11 november 2024 werd behandeld. Tijdens de zitting verscheen appellante, terwijl het UWV zich niet liet vertegenwoordigen.
De Raad oordeelde dat de overschrijding van de betalingstermijn verschoonbaar was vanwege overmacht, veroorzaakt door de penibele financiële situatie van appellante. Er was geen sprake van verwijtbaarheid. Daarom werd het verzet gegrond verklaard, de eerdere niet-ontvankelijkverklaring verviel en het onderzoek werd voortgezet in de oorspronkelijke stand.
Er werd geen veroordeling in de proceskosten opgelegd gezien de omstandigheden.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet; de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt.