ECLI:NL:CRVB:2024:589
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening AOW-pensioen naar gehuwdennorm bij niet duurzaam gescheiden leven
Appellante ontvangt sinds mei 2020 een AOW-pensioen volgens de norm voor ongehuwden. Na haar huwelijk in 2021 heeft de Sociale verzekeringsbank (Svb) haar pensioen herzien naar de gehuwdennorm. Appellante betwistte dit omdat zij en haar echtgenote op verschillende adressen wonen, elkaar weinig zien en financieel zelfstandig zijn.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens motiveringsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Zij concludeerde dat de Svb onvoldoende onderzoek had gedaan naar de feitelijke situatie, waaronder gezamenlijke activiteiten en financiële relaties. Appellante verstrekte nadere informatie over haar financiële steun aan haar echtgenote.
De Raad toetste het hoger beroep en stelde vast dat duurzaam gescheiden leven niet alleen afhangt van samenwonen, maar van de feitelijke situatie en intenties. Gelet op het wekelijkse telefonisch contact, gezamenlijke vakanties en financiële ondersteuning concludeerde de Raad dat appellante niet duurzaam gescheiden leeft. Daarom is de herziening naar de gehuwdennorm terecht en wordt het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: Hoger beroep wordt afgewezen; appellante ontvangt AOW-pensioen volgens gehuwdennorm.