ECLI:NL:CRVB:2024:622
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering na toetsing verbetering belastbaarheid in tweede ziektejaar
Appellante ontving een Ziektewet-uitkering na ziekmelding met rugklachten. Na een toetsing in het tweede ziektejaar oordeelde het UWV dat zij meer dan 65% van haar loon kan verdienen en beëindigde de uitkering per 15 november 2021. Appellante betwistte dit en voerde aan dat haar rugklachten en medicatie haar functioneren ernstig beperken.
De rechtbank oordeelde dat het UWV zorgvuldig onderzoek had gedaan, inclusief medische en arbeidskundige beoordelingen, en dat de beperkingen en functionele mogelijkheden van appellante juist waren vastgesteld. De rechtbank vond geen aanleiding om de medische beoordeling te verwerpen en concludeerde dat appellante geschikt is voor passende functies.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelt dat de medische gegevens op de datum in geding voldoende zijn onderzocht en dat de door appellante overgelegde latere medische informatie geen ander beeld geeft. Ook is geen schending van het equality of arms-beginsel vastgesteld. De Raad concludeert dat het UWV de uitkering terecht heeft beëindigd en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV de ZW-uitkering terecht heeft beëindigd omdat appellante meer dan 65% van haar loon kan verdienen.