ECLI:NL:CRVB:2024:760
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvragen wegens onvoldoende aannemelijkheid bijstandbehoevende omstandigheden
Appellanten hebben twee aanvragen om bijstand ingediend, één op 19 september 2019 en een tweede op 6 april 2020. Beide aanvragen werden door het college van burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over hun financiële situatie en het niet aannemelijk maken van bijstandbehoevende omstandigheden.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond. De rechtbank wees op onduidelijkheden zoals de late uitschrijving van het koeriersbedrijf bij de Kamer van Koophandel, de nachtelijke betalingen bij tankstations en onverklaarde bijschrijvingen op de bankrekeningen. De verklaringen van appellanten werden niet als plausibel of controleerbaar beoordeeld.
In hoger beroep hebben appellanten geen nieuwe gronden aangevoerd die de eerdere uitspraken onjuist of onvolledig maken. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt de afwijzing van de aanvragen. Tevens wijst de Raad erop dat de latere toekenning van bijstand per 23 november 2020 betrekking heeft op een andere periode en situatie, waardoor dit geen invloed heeft op de rechtmatigheid van de eerdere afwijzingen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvragen wegens onvoldoende aannemelijkheid van bijstandbehoevende omstandigheden.