ECLI:NL:CRVB:2024:920
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering na eerstejaars beoordeling bevestigd
Appellant ontving sinds 11 mei 2020 een Ziektewet-uitkering en werd na een eerstejaars ZW-beoordeling door het UWV per 15 oktober 2020 als in staat beschouwd meer dan 65% van zijn loon te verdienen met andere functies dan zijn laatste werk. Na een nieuwe ziekmelding in februari 2021 kende het UWV opnieuw een ZW-uitkering toe, die per 1 november 2021 werd beëindigd na een verzekeringsgeneeskundig onderzoek.
Appellant stelde dat zijn beperkingen sinds de vorige beoordeling waren toegenomen en dat hij de geduide functies niet kon vervullen. Hij overlegde medische stukken waaruit PTSS, depressie, traumabehandeling en rugklachten zouden blijken en verzocht om een deskundige neurochirurg. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de medische beperkingen niet waren toegenomen ten opzichte van de eerstejaars beoordeling. De overgelegde medische stukken betroffen klachten die zich na de datum van belang hadden ontwikkeld en bevatten geen objectiveerbare gegevens die tot een andere beoordeling leidden. Er was geen reden om een deskundige te benoemen en het UWV had terecht de ZW-uitkering beëindigd.
Uitkomst: De beëindiging van de ZW-uitkering per 1 november 2021 wordt bevestigd.