ECLI:NL:CRVB:2024:921
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming door UWV
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Tijdens de procedure heeft de Centrale Raad van Beroep het UWV verzocht nader onderzoek te doen, waarna het UWV op 4 december 2023 een gewijzigde beslissing op bezwaar heeft genomen die volledig tegemoetkomt aan de bezwaren van appellante.
Naar aanleiding hiervan heeft appellante op 17 januari 2024 het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling van het UWV. Het UWV stemde in met deze veroordeling conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De Raad heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het UWV veroordeeld tot betaling van een proceskostenvergoeding van €3.500,- voor de verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep, alsmede tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €185,-.
De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander op 7 mei 2024.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van €3.500,- en vergoeding van griffierecht van €185,- aan appellante.