ECLI:NL:CRVB:2025:1082
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting WGA-uitkering wegens niet-duurzame arbeidsongeschiktheid
Betrokkene, die sinds januari 2020 ziekgemeld is met psychische klachten, ontving een WGA-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 100%. Na een herbeoordeling door het Uwv werd vastgesteld dat betrokkene per 10 juni 2021 voor 80 tot 100% arbeidsongeschikt was, maar niet duurzaam. De rechtbank vernietigde het eerdere besluit en gaf opdracht tot een nieuwe beoordeling van de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid.
In hoger beroep benoemde de Raad een psychiater als deskundige, die een ernstige depressieve stoornis vaststelde. De verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde dat ondanks de ernst van de aandoening, de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam was vanwege het ontbreken van langdurige behandeling en de aanwezigheid van behandelopties sinds 2021.
De Raad oordeelt dat het Uwv terecht de WGA-uitkering heeft voortgezet en geen IVA-uitkering hoeft toe te kennen. Betrokkene's bezwaren tegen deze conclusie slagen niet. Daarnaast veroordeelt de Raad het Uwv tot vergoeding van proceskosten en griffierecht in hoger beroep.
Uitkomst: De WGA-uitkering wordt ongewijzigd voortgezet omdat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is.