Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving een Ziektewet-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid gerelateerd aan zwangerschaps- en bevallingsklachten. Het UWV beëindigde de uitkering per 23 september 2019 na een eerstejaars ZW-beoordeling (EZWb), omdat betrokkene naar oordeel van het UWV meer dan 65% van haar loon kon verdienen. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat zij oordeelde dat de 52-wekenperiode nog niet was verstreken.
Het UWV stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Centrale Raad van Beroep heropende het onderzoek en benoemde een onafhankelijke verzekeringsarts als deskundige. Deze concludeerde dat het UWV zorgvuldig had gehandeld en dat de beperkingen van betrokkene juist waren vastgesteld. Ook de arbeidsdeskundige bevestigde dat de geselecteerde functies medisch geschikt waren.
De Raad verwierp het incidenteel hoger beroep van betrokkene, die stelde dat haar beperkingen waren onderschat en dat het medisch onderzoek onvoldoende was geweest. De Raad oordeelde dat het UWV terecht een EZWb had uitgevoerd en dat de ZW-uitkering terecht was beëindigd. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan betrokkene.
Uitkomst: De beëindiging van de Ziektewet-uitkering per 23 september 2019 wordt bevestigd.