ECLI:NL:CRVB:2025:1193
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling arbeidsongeschiktheid en vergoeding schade wegens termijnoverschrijding in WIA-zaak
Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV over haar mate van arbeidsongeschiktheid. Na een tussenuitspraak waarin werd geoordeeld dat het oorspronkelijke besluit op ondeugdelijke medische gronden was gebaseerd, heeft het UWV een gewijzigde Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) opgesteld en een nieuw besluit genomen. Dit nieuwe besluit stelt de arbeidsongeschiktheid vast op 58,24%.
Appellante betwistte dat de beperkingen voldoende waren meegenomen en dat de geselecteerde functies passend waren. De Raad heeft echter geoordeeld dat de medische en arbeidsdeskundige rapporten voldoende onderbouwd zijn en dat de functies medisch geschikt zijn. Ook is vastgesteld dat appellante in staat is de vereiste opleidingen te volgen.
Daarnaast is vastgesteld dat de procedure meer dan twee jaar langer heeft geduurd dan de redelijke termijn, wat leidt tot een schadevergoeding van in totaal €2.500,-, verdeeld tussen de Staat en het UWV. De Raad heeft het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond verklaard. Tevens zijn proceskosten en griffierecht aan appellante toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen het gewijzigde besluit wordt ongegrond verklaard en de arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 58,24%, met toekenning van schadevergoeding wegens termijnoverschrijding.