ECLI:NL:CRVB:2025:1555
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens laattijdige indiening bij TOZO-bijstand
Appellante ontving bijstand op grond van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO) over de periode 1 maart 2020 tot en met 30 september 2021. Het college van burgemeester en wethouders van Oldambt trok deze bijstand in twee besluiten in vanwege het niet aanleveren van controlegegevens en vorderde de kosten terug.
Appellante diende haar bezwaarschrift tegen deze besluiten pas op 29 november 2023 in, buiten de wettelijke termijn van zes weken. Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens laattijdige indiening en het ontbreken van verschoonbare omstandigheden. De rechtbank bevestigde dit oordeel.
In hoger beroep stelde appellante dat het college haar bezwaren inhoudelijk had moeten behandelen vanwege de grote financiële belangen en het ontbreken van belangen van derden. De Raad oordeelde dat de bevoegdheid tot niet-ontvankelijkverklaring gebonden is en dat bij een niet-verschoonbare termijnoverschrijding geen belangenafweging kan plaatsvinden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.