Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant, een brandwacht die sinds 2008 bij de Brandweer werkt, vroeg of hij aanspraak kon maken op het FLO-overgangsrecht zoals bepaald in artikel 27b.1 van de ARBAA. Het dagelijks bestuur stelde in een brief van 1 juni 2023 dat hij niet onder dit overgangsrecht valt omdat hij op 31 december 2005 niet werkzaam was bij een gemeentelijk beroepsbrandweerkorps.
Appellant maakte bezwaar tegen deze brief, maar het dagelijks bestuur verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit was. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel en stelde dat de brief geen wijziging of vaststelling van de rechtspositie van appellant inhield.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de brief wel een besluit was en dat hij recht had op FLO. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat de brief slechts informatie bevatte en geen publiekrechtelijke rechtshandeling was gericht op rechtsgevolg. Ook was er geen sprake van een bestuurlijk rechtsoordeel dat gelijkgesteld kon worden aan een besluit.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het hoger beroep af. Appellant kreeg geen proceskostenvergoeding. Hiermee blijft de rechtspositie van appellant ongewijzigd en geldt voor hem de regeling voor een tweede loopbaan zoals opgenomen in het aanstellingsbesluit van 10 januari 2008.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het bestreden besluit blijft in stand omdat de brief geen besluit is.