ECLI:NL:CRVB:2025:1750
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van uitspraak inzake WIA-uitkering en schadevergoeding
Verzoekster heeft verzocht om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 13 november 2024, waarin haar verzoek om immateriële schadevergoeding van €25.000,- werd afgewezen. De zaak betreft een geschil over de vaststelling van haar arbeidsongeschiktheid en de toekenning van een WIA-uitkering door het UWV.
De Raad overwoog dat herziening slechts mogelijk is op grond van nieuwe feiten of omstandigheden die voor de eerdere uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Verzoekster bracht geen dergelijke nieuwe feiten aan, maar herhaalde haar eerdere standpunten en voerde aan dat de uitspraak onjuist was en dat het UWV onrechtmatig had gehandeld.
De Raad liet aanvullende stukken die verzoekster vlak voor de zitting had ingediend buiten beschouwing vanwege schending van de goede procesorde. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen, waarmee de eerdere uitspraak in stand bleef. Verzoekster kreeg geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.