ECLI:NL:CRVB:2025:1789
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herstel van ZW-uitkering na ongeschiktheid geduide functies door gehoor- en psychische beperkingen
Appellant, voormalig basis logistiek medewerker, kreeg een ZW-uitkering toegekend na ziekmelding met psychische en gehoorklachten. Het UWV beëindigde de uitkering per 26 september 2021, omdat appellant meer dan 65% van zijn loon zou kunnen verdienen in geduide functies. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en handhaafde het besluit.
Appellant stelde hoger beroep in en voerde aan dat zijn beperkingen, waaronder gehoorverlies en psychische klachten, onvoldoende waren meegewogen. De Centrale Raad benoemde een onafhankelijke arbeidsdeskundige die concludeerde dat de geduide functies niet geschikt waren vanwege communicatiebeperkingen en lawaaiige werkomgevingen.
De Raad volgde het deskundigenrapport en oordeelde dat het UWV het besluit onvoldoende arbeidskundig had onderbouwd. Het bestreden besluit werd vernietigd en het UWV opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de ZW-uitkering wordt vernietigd en het UWV moet opnieuw beslissen met inachtneming van de uitspraak.