ECLI:NL:CRVB:2025:593
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV over een terugvordering van een Ziektewet-uitkering. Tijdens de procedure heeft het UWV op 16 januari 2025 een gewijzigd besluit genomen waarin het geheel aan de bezwaren van appellante tegemoetkwam. Hierdoor heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht om proceskostenvergoeding.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek van appellante behandeld en vastgesteld dat het UWV geen bezwaar had tegen de proceskostenveroordeling. Op grond van de toepasselijke artikelen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming worden veroordeeld in de kosten.
De Raad heeft de proceskosten begroot op €3.174,50 voor verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep, plus €186,- aan griffierecht. Het UWV is veroordeeld deze kosten aan appellante te vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter E.J.J.M. Weyers op 16 april 2025.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht aan appellante na intrekking van het hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming.