ECLI:NL:CRVB:2026:309
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.C.A. Bruggeman
- K.H. Sanders
- B. Serno
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep zonder bestuursorgaan tegemoetkoming
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. Tijdens de zitting van 18 december 2025 heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om het college van burgemeester en wethouders van Den Haag te veroordelen in de proceskosten.
De Raad heeft beoordeeld of het verzoek tot proceskostenveroordeling kon worden toegewezen op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat een proceskostenveroordeling mogelijk maakt indien het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan de indiener van het beroep.
De Raad stelde vast dat het hoger beroep niet was ingetrokken vanwege een dergelijke tegemoetkoming door het bestuursorgaan. Daarom werd het verzoek om proceskostenveroordeling afgewezen.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 12 maart 2026, waarbij C.W.C.A. Bruggeman voorzitter was, en K.H. Sanders en B. Serno leden. De griffier was F.M. Gerritsen.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat het hoger beroep niet is ingetrokken vanwege een tegemoetkoming door het bestuursorgaan.