Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- veroordeelt het Uwv in de kosten van appellant tot een bedrag van € 5.604,-;
- bepaalt dat het Uwv het door appellant in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 371,- vergoedt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen beslissingen van het UWV, maar trok deze beroepen in nadat het UWV met een gewijzigde beslissing op bezwaar van 28 oktober 2025 volledig aan zijn bezwaren tegemoet was gekomen.
De Centrale Raad van Beroep heeft vervolgens op verzoek van appellant het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die appellant redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van het beroep en hoger beroep. De proceskosten zijn begroot op €5.604,-, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht, en daarnaast moet het UWV het betaalde griffierecht van €371,- vergoeden.
De Raad heeft de zaak niet op een zitting behandeld omdat partijen geen zitting wensten. De uitspraak is gedaan op 1 april 2026 door mr. S. Wijna, met M.G.J. van Eck als griffier.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht na intrekking van het hoger beroep.