Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
.
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster heeft verzocht om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 20 april 2023, waarin haar bezwaar tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) werd afgewezen. Dit bezwaar betrof de afwijzing van haar verzoek om haar overleden echtgenoot postuum toe te laten tot de vrijwillige verzekering.
De Raad heeft het verzoek om herziening beoordeeld aan de hand van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat herziening mogelijk maakt indien nieuwe feiten of omstandigheden aan het licht komen die voorheen niet bekend waren en tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Verzoekster bracht geen nieuwe feiten of omstandigheden naar voren, maar herhaalde feitelijk de eerdere discussie.
De Raad benadrukte dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie over de zaak te voeren of de juistheid van de eerdere uitspraak aan te vechten zonder nieuwe feiten. Ook verwees de Raad naar de eerdere afwijzing van een eerste herzieningsverzoek op 3 oktober 2024.
Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen en blijft de uitspraak van 20 april 2023 ongewijzigd. Verzoekster krijgt het betaalde griffierecht niet terug.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.