ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7807
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Boersma
- Den Boer
- Rijkels
- Rechtspraak.nl
Uitstel pensioeningangsdatum leidt tot loonbelastingheffing bij uitdiensttreding
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had de pensioeningangsdatum van haar directeur en enig aandeelhouder C uitgesteld van 65 naar 70 jaar. De inspecteur stelde dat deze uitstel leidt tot een loonbelastingaanspraak in het jaar van uitstel, omdat C sinds 1988 niet meer in dienst was. Belanghebbende betoogde dat het uitstel maatschappelijk redelijk was gezien de flexibilisering van pensioenen.
Het hof stelde vast dat de pensioenregeling en het uitstel schriftelijk waren vastgelegd en dat C sinds 1988 geen loon meer ontving van belanghebbende. De inspecteur baseerde zich op artikel 11c van de Wet op de loonbelasting 1964, dat bepaalt dat een aanspraak die wordt prijsgegeven als loon wordt aangemerkt.
Het hof oordeelde dat het uitstel van de pensioeningangsdatum naar 70 jaar, terwijl C niet meer werkzaam was, niet meer als maatschappelijk redelijk kon worden beschouwd. De aanspraak moest daarom als loon worden belast. Belanghebbende had geen tegenberekening of onderbouwing gegeven die dit oordeel kon weerleggen.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de naheffingsaanslag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag loonbelasting wordt bevestigd.