ECLI:NL:GHAMS:2002:AE8224
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Vrouwenvelder
- Beukers-Van Dooren
- Otto
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt verschuldigdheid omzetbelasting over massagesalonactiviteiten ondanks bordeelverbod
Belanghebbende exploiteerde een massagesalon en betaalde omzetbelasting over de ontvangen bedragen, inclusief de bedragen die aan de dames werden doorbetaald. Hij stelde dat zijn activiteiten onder het bordeelverbod vielen en daarom niet belastbaar waren met omzetbelasting. Het Hof stelde vast dat het bordeelverbod in Nederland per 1 oktober 2001 was afgeschaft en dat er binnen de Europese Unie geen volstrekt verbod bestond op dergelijke diensten, mede omdat lidstaten vrijheid hadden om het verbod op te heffen.
Het Hof verwees naar eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad en het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, waarin werd geoordeeld dat het feit dat een dienst strafbaar is, niet automatisch leidt tot uitsluiting van omzetbelastingheffing. Tevens concludeerde het Hof dat de diensten van belanghebbende concurreren met die van zelfstandig werkende prostituees die wel omzetbelasting verschuldigd zijn.
Belanghebbende voerde aan dat de prestaties van de dames zelfstandige overeenkomsten waren en dat hij slechts kamers verhuurde, wat tot een lager of vrijgesteld tarief zou leiden. Het Hof verwierp dit standpunt en bevestigde dat de volledige vergoeding aan belanghebbende belastbaar was tegen het algemene tarief. Het beroep werd ongegrond verklaard en belanghebbende werd niet in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat belanghebbende terecht omzetbelasting heeft voldaan over de volledige bedragen.