ECLI:NL:HR:2003:AH9781
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen omzetbelasting verschuldigd over activiteiten in strijd met bordeelverbod
Belanghebbende had over diverse perioden omzetbelasting betaald en verzocht om teruggaaf van dit bedrag, omdat hij meende dat zijn activiteiten buiten de Zesde Richtlijn vielen vanwege overtreding van het bordeelverbod zoals strafbaar gesteld in artikel 250bis Sr.
De Inspecteur wees de teruggaafverzoeken af, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Gerechtshof Amsterdam. Het Hof verklaarde de beroepen ongegrond, verwijzend naar een eerder arrest van de Hoge Raad waarin een soortgelijke kwestie was behandeld.
In cassatie stelde belanghebbende dat het Hof een onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd en verwees naar een uitspraak van het London Tribunal Centre waarin escortservices als strafbaar werden aangemerkt en geen omzetbelasting verschuldigd was.
De Hoge Raad oordeelde dat deze verwijzing niet relevant was voor de Nederlandse rechtsvraag en bevestigde het oordeel van het Hof. De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat over activiteiten in strijd met het bordeelverbod geen omzetbelasting verschuldigd is.