ECLI:NL:GHAMS:2004:AO5326
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- A. Bijlsma
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing teruggaaf wijnaccijns voor gearomatiseerde wijn en Aperitivo
Belanghebbende, C B.V., heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van verzoeken om teruggaaf van wijnaccijns over de periode 1986 tot en met 1991 voor de dranken gearomatiseerde wijn en Aperitivo. Zij stelde dat deze dranken gelijksoortig zijn aan vruchtenwijn en derhalve onterecht accijns is geheven. De inspecteur weigerde teruggaaf omdat niet kon worden vastgesteld of de dranken de beweerde eigenschappen hadden.
De Douanekamer oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de dranken ten tijde van invoer de eigenschappen hadden die gelijksoortigheid met vruchtenwijn zouden rechtvaardigen. Ook werd geoordeeld dat de overgelegde brieven over de periode vierde kwartaal 1989 tot en met vierde kwartaal 1991 niet als rechtsgeldige bezwaarschriften konden worden aangemerkt, waardoor dat deel van het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
Verder werd vastgesteld dat de indeling van de dranken onder post 2205 (voorheen 2206) van het Gemeenschappelijk Douanetarief onherroepelijk vaststaat en dat het Hof van Justitie heeft geoordeeld dat aromatisering de gelijksoortigheid met vruchtenwijn uitsluit. Het beroep werd daarom voor het overige ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten toegewezen. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken cassatie worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van gelijksoortigheid met vruchtenwijn.