ECLI:NL:GHAMS:2004:AO6459
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bijl
- Van Hilten
- Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitnodiging tot betaling omzetbelasting wegens overschrijding navorderingstermijn
Belanghebbende, directeur van een BV, ontving in 1998 uitnodigingen tot betaling van omzetbelasting en landbouwheffingen. De BV was eerder in 1996 al aangesproken voor dezelfde bedragen aan douaneschuld. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de uitnodigingen, waarvan een deel werd toegewezen door het College van Beroep voor het bedrijfsleven voor de landbouwheffingen.
Het geschil betrof de vraag of de uitnodiging tot betaling van omzetbelasting terecht was, mede gelet op de navorderingstermijn van drie jaar na het ontstaan van de douaneschuld. Het hof oordeelde dat de douaneschuld reeds in 1996 binnen deze termijn was vastgesteld en dat de latere uitnodiging in 1998 niet was toegestaan volgens artikel 221, derde lid, van het Communautair Douanewetboek.
De inspecteur had de uitnodiging aan belanghebbende gegeven vanwege voortschrijdend inzicht om anderen dan de BV als schuldenaar aan te merken, maar dit rechtvaardigde geen verlenging van de navorderingstermijn. Het hof vernietigde daarom de uitnodiging tot betaling voor zover deze de omzetbelasting betrof en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: De uitnodiging tot betaling van omzetbelasting aan belanghebbende is vernietigd wegens overschrijding van de navorderingstermijn.