ECLI:NL:GHAMS:2004:AQ1000
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Ouderaa
- Den Boer
- Faase
- Rechtspraak.nl
Vaststelling stallingsbeschikking buitenlandse winst na vernietiging aanslag vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een naamloze vennootschap, maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting 1995/1996 en de daarbij behorende beschikking tot aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. De inspecteur had de aftrek aanzienlijk verlaagd en een beschikking afgegeven die niet als stallingsbeschikking kon worden aangemerkt. Na vernietiging van de aanslag wegens overschrijding van de wettelijke termijn, stond ter discussie of en welk bedrag aan buitenlandse winst naar het volgende boekjaar mocht worden overgebracht.
Het Hof stelde vast dat de beschikking van de inspecteur niet voldeed aan de eisen van een stallingsbeschikking zoals bedoeld in artikel 3a van het Besluit voorkoming dubbele belasting 1989. Gelet op het arrest van de Hoge Raad en de rechtsbescherming van belanghebbende, moet de inspecteur alsnog een stallingsbeschikking afgeven waarin het over te brengen bedrag aan buitenlandse winst wordt vastgesteld.
De zaak werd behandeld op 25 februari 2004, waarbij partijen hun standpunten toelichtten. Het Hof veroordeelde de inspecteur in de proceskosten en gelastte de Staat het griffierecht aan belanghebbende te vergoeden. De uitspraak werd op 9 juni 2004 uitgesproken en is openbaar.
Uitkomst: De inspecteur wordt verplicht een stallingsbeschikking af te geven voor de buitenlandse winst van 1995/1996 en wordt veroordeeld in de proceskosten.