ECLI:NL:GHAMS:2005:AT6193
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. Van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Berekening aftrek elders belast voor tweede woning in Frankrijk volgens belastingverdrag
Belanghebbende bezit een tweede woning in Frankrijk, deels gefinancierd met een Franse hypotheek en een tweede hypotheek op de Nederlandse woning. Voor de inkomstenbelasting over 2002 werd de aftrek elders belast berekend, waarbij belanghebbende de tweede hypotheek niet in de waardering van de buitenlandse bezittingen meenam.
Het geschil betrof de juiste berekening van de aftrek elders belast volgens artikel 24 van Pro het belastingverdrag tussen Nederland en Frankrijk. Belanghebbende stelde dat de teller van de voorkomingsbreuk moest bestaan uit het Franse box 3-inkomen en de noemer uit het wereldinkomen (box 1, 2 en 3). De inspecteur hield de berekening beperkt tot box 3-inkomen en nam de tweede hypotheek mee in de teller.
Het Hof oordeelde dat de berekening van de inspecteur juist is en dat zowel teller als noemer moeten worden bepaald op basis van het box 3-inkomen. De tweede hypotheek moet worden meegenomen bij de bepaling van de Franse rendementsgrondslag, omdat deze lening is aangegaan ter financiering van de tweede woning. Belanghebbendes stelling dat dit strijdig zou zijn met de wet werd verworpen.
Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd met een aftrek elders belast van € 2.217, en de inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 10. De uitspraak werd gedaan door het Hof Amsterdam op 27 april 2005.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag verminderd met een aftrek elders belast van € 2.217.