ECLI:NL:GHAMS:2005:AT6629
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-bevoegdheid heffingsambtenaar AGV bij ingezetenenomslag De Waterlanden 1998
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag ingezetenenomslag 1998 van het waterschap De Waterlanden, opgelegd door de heffingsambtenaar van het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV). Het geschil betrof de vraag of de aanslag rechtmatig was opgelegd en of AGV bevoegd was deze aanslag namens De Waterlanden te heffen.
De waterschappen hadden in 1997 besloten dat het dagelijks bestuur van AGV in bepaalde gevallen in de plaats zou treden van dat van De Waterlanden, op grond van artikel 124, tweede lid, van de Waterschapswet. Echter, het hof constateerde dat een aanwijzing van een ambtenaar van AGV voor de heffing van de ingezetenenomslag in 1998 ontbrak.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar van AGV op het moment van oplegging van de aanslag niet bevoegd was om deze op te leggen namens De Waterlanden. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en de aanslag vernietigd. Tevens werd het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoed.
De uitspraak benadrukt het belang van een juiste en formele bevoegdheidsoverdracht tussen waterschappen voor het opleggen van belastingen en omslagen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag ingezetenenomslag 1998 van De Waterlanden wordt vernietigd wegens onbevoegdheid van de heffingsambtenaar van AGV.