ECLI:NL:GHAMS:2005:AU0440
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.B. Bijl
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar parkeerbelasting wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting en stelde dat hij niet op juiste wijze op zijn bezwaar was gehoord. Hoewel hij niet formeel is uitgenodigd voor een hoorgesprek, heeft verweerder voorafgaand aan de uitspraak uitgebreid met hem gesproken, waardoor geen sprake is van benadeling.
Belanghebbende stelde dat hij op 12 april 2003 een bezwaarschrift per post had verzonden en telefonisch had nagevraagd of dit was ontvangen. Verweerder betwistte dit en het hof achtte het niet aannemelijk dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend. De wettelijke termijn liep van 9 april tot en met 20 mei 2003.
Het hof overweegt dat bezwaar schriftelijk moet worden ingediend en dat het bestuursorgaan een belanghebbende die mondeling bezwaar maakt, moet wijzen op de schriftelijke procedure. Dit is volgens het hof op juiste wijze gebeurd. Omdat belanghebbende geen verschoonbare omstandigheden heeft aangevoerd, is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Het hof heeft het beroep ongegrond verklaard en geen proceskosten aan een van de partijen opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens termijnoverschrijding.