ECLI:NL:GHAMS:2005:AU5134
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.B. Onnes
- P.M.F. van Loon
- E. Jochem
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bedrijfsfusievrijstelling en waardering aandelen bij kapitaalsbelasting
Belanghebbende verwierf in 2000 bijna alle aandelen van een Mexicaanse vennootschap tegen een koopsom van US$ 6.355.841, terwijl de werkelijke waarde van de aandelen aanzienlijk hoger werd geschat. De aandelen werden vervolgens ingebracht in dochtervennootschappen en uiteindelijk in een nieuw opgerichte vennootschap, waarbij derden ook deelnamen.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag kapitaalsbelasting op, stellende dat de bedrijfsfusievrijstelling niet van toepassing was omdat de aandelen niet waren verkregen tegen toekenning van eigen aandelen maar tegen betaling. Belanghebbende voerde aan dat sprake was van een informele kapitaalstorting en deed een beroep op het gelijkheidsbeginsel en vrijstelling op grond van het belastingverdrag.
Het hof oordeelde dat de bedrijfsfusievrijstelling niet van toepassing is omdat de aandelen zijn gekocht tegen een meer dan symbolische vergoeding. De informele kapitaalstorting lag in de meerwaarde van de aandelen ten opzichte van de koopsom. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen wegens onvoldoende bewijs van landelijk beleid. De waarde van de aandelen werd vastgesteld op US$ 210 miljoen, conform het standpunt van de inspecteur.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de naheffingsaanslag kapitaalsbelasting wegens niet-toepassing van de bedrijfsfusievrijstelling.