ECLI:NL:GHAMS:2006:AW8270
Gerechtshof Amsterdam
- Verwijzing na Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie in Schiedammerparkzaak na onherroepelijke vrijspraak verdachte
Deze zaak betreft de Schiedammerparkzaak, waarbij verdachte werd vervolgd voor ernstige feiten waaronder vrijheidsberoving, verkrachting en doodslag op minderjarigen. Na eerdere veroordelingen en cassatieprocedures werd de zaak door de Hoge Raad verwezen voor herziening bij het gerechtshof Amsterdam.
Tijdens de procedure stelde de verdediging dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens een gerechtelijke dwaling en schending van het recht op een eerlijk proces. Het hof oordeelde aanvankelijk dat deze gronden onvoldoende waren om niet-ontvankelijkheid te verklaren en dat nader feitenonderzoek nodig was.
Na onherroepelijke veroordeling van een ander persoon voor dezelfde feiten, stelde de advocaat-generaal dat verdachte onschuldig is en dat het vervolgingsbelang is komen te vervallen. Het hof volgde dit standpunt en verklaarde het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte.
Het hof overwoog dat verdere vervolging geen strafvorderlijk belang dient en dat verdachte andere rechtsmiddelen heeft benut, waaronder een schadevergoedingsovereenkomst met de Staat. Hierdoor komt een einde aan de strafrechtelijke vervolging van verdachte in deze zaak.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte wegens onherroepelijke vrijspraak en vervallen vervolgingsrecht.