ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ0529
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. den Boer
- E.A.G. van der Ouderaa
- D.J. de Korte
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag wegens niet duidelijk kenbaar verleend uitstel voor belastingaangifte 2000
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2000 die was opgelegd na het verstrijken van de reguliere termijn. De inspecteur stelde dat de aanslag tijdig was omdat er uitstel was verleend voor het indienen van de aangifte, waardoor de termijn tot oplegging was verlengd.
Het geschil draaide om de vraag of dit uitstel op een voor belanghebbende of diens gemachtigde duidelijk kenbare wijze was verleend. De inspecteur bracht interne administratiegegevens en correspondentie in, waaruit bleek dat uitstel was geregistreerd en dat er een brief was gestuurd over de uitstelregeling.
Het hof oordeelde echter dat de inspecteur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het uitstel daadwerkelijk duidelijk kenbaar was voor belanghebbende. De brief van de inspecteur toonde juist onzekerheid over de kenbaarheid en er was geen bewijs dat het overzicht met uitstelgegevens tijdig was toegezonden.
Daarom was de bevoegdheid tot het opleggen van de aanslag vervallen. Het beroep van belanghebbende werd gegrond verklaard, de aanslag vernietigd en de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2000 wordt vernietigd wegens het ontbreken van duidelijk kenbaar verleend uitstel.