ECLI:NL:GHAMS:2007:BA2617
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Vermindering vergrijpboete wegens overschrijding redelijke termijn bij navorderingsaanslag vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een houdstervennootschap in de autobranche, bracht kosten ten laste van haar winst die gebaseerd waren op vermoedelijk valse facturen opgesteld in overleg tussen haar aandeelhouder en een derde partij. De inspecteur legde een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 1997 op, verhoogd met het netto factuurbedrag, en een vergrijpboete van 50% van de nagevorderde belasting. Na bezwaar werd de boete administratief verminderd.
Het hof stelde vast dat de facturen geen reële prestaties vertegenwoordigden en dat het netto factuurbedrag aan de aandeelhouder was terugbetaald, zonder verantwoording in de administratie. Hierdoor was sprake van een onzakelijke uitgave die het vermogen van belanghebbende onttrok ten behoeve van haar aandeelhouder. Het hof handhaafde de navorderingsaanslag en verwierp het verweer dat de boete niet kon worden opgelegd vanwege de vrijspraak van de aandeelhouder in een strafzaak.
Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn voor de behandeling van de boeteprocedure, zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, werd de boete ambtshalve met 10% verminderd tot ƒ 382. Daarnaast werd belanghebbende in de proceskosten van € 644 ten laste van de Staat veroordeeld.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt gehandhaafd, de boete verminderd tot ƒ 382 wegens overschrijding redelijke termijn, en proceskosten worden toegewezen aan belanghebbende.