ECLI:NL:GHAMS:2007:BB1206
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen heffing omzetbelasting wegens onregelmatige invoer kostbare tekening via groene doorgang Schiphol
Belanghebbende kwam op 16 juni 2003 met een vlucht uit het buitenland aan op Schiphol en wilde een kostbare tekening in zijn handbagage meenemen. Op de vraag van de douane of hij iets aan te geven had, antwoordde hij ontkennend. De tekening werd aangetroffen en een strafrechtelijk onderzoek ingesteld, dat met een transactie werd afgedaan. De inspecteur legde een uitnodiging tot betaling van omzetbelasting op, welke belanghebbende betwistte.
In het bestuursrechtelijk beroep stelde belanghebbende dat hij een beroep deed op de regeling tijdelijke invoer met volledige vrijstelling en dat hij de tekening alleen tijdelijk wilde invoeren voor restauratie. Het Gerechtshof overwoog dat belanghebbende geen vergunning had aangevraagd en ook niet uit eigen beweging aangifte deed. De Douanekamer stelde vast dat belanghebbende door het groene kanaal ging en ontkennend antwoordde op de vraag of hij iets aan te geven had, waardoor de tekening onregelmatig werd binnengebracht.
Het hof verwierp de stellingen dat de inspecteur in strijd met beginselen van behoorlijk bestuur had gehandeld en dat de regeling tijdelijke invoer van toepassing was. De tekening voldeed niet aan de materiële voorwaarden voor vrijstelling en was langer dan drie maanden in Nederland gebleven. Het beroep werd ongegrond verklaard en de heffing van omzetbelasting bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de heffing van omzetbelasting wegens onregelmatige invoer van de tekening wordt ongegrond verklaard.