ECLI:NL:GHAMS:2007:BC0370
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- E.A.G. van der Ouderaa
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep zelfstandigenaftrek voor vennoot in bouwbedrijf onder firma
Belanghebbende exploiteert samen met haar echtgenoot een bouwbedrijf in een vennootschap onder firma (V.O.F.). De inspecteur legde voor het jaar 2001 een aanslag inkomstenbelasting op zonder toepassing van zelfstandigenaftrek. De rechtbank Haarlem oordeelde dat belanghebbende recht heeft op deze aftrek omdat haar werkzaamheden niet hoofdzakelijk ondersteunend zijn.
De inspecteur stelde hoger beroep in en voerde aan dat belanghebbende vooral ondersteunende werkzaamheden verrichtte en dat de winstverdeling dit bevestigt. Het Hof Amsterdam heeft het geschil beoordeeld aan de hand van de aard van de werkzaamheden en de gebruikelijkheid van het samenwerkingsverband.
Het Hof concludeert dat belanghebbende wezenlijke en zelfstandige werkzaamheden verricht die essentieel zijn voor de onderneming, zoals het opmaken van offertes, technische adviezen, inkoop en personeelsbeheer. De winstverdeling wordt verklaard door het verschil in gewerkte uren. Het Hof bevestigt het oordeel van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de inspecteur af. Tevens veroordeelt het Hof de inspecteur in de proceskosten van € 805.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt afgewezen en belanghebbende behoudt het recht op zelfstandigenaftrek.