ECLI:NL:GHAMS:2008:BD4324
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- H.N. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Niet-aftrekbaarheid schadevergoeding aan zustermaatschappij en nihilwaardering werknemersopties
Belanghebbende, een moedermaatschappij binnen een fiscale eenheid, nam in 2001 een buitengewone last op van €1.815.120 wegens een schadevergoeding aan haar zustermaatschappij [C & D] BV. Deze vergoeding was het gevolg van een overeenkomst in verband met niet-nakoming van afnameverplichtingen door [F] Nederland BV. Daarnaast nam belanghebbende kosten van €2.520.000 in verband met toegekende werknemersopties.
De rechtbank oordeelde dat de schadevergoeding niet aftrekbaar was omdat de overeenkomst niet zakelijk was en de verplichting tot schadevergoeding niet aannemelijk was. Het hof bevestigde dit oordeel en stelde dat het bestaan van een verplichting tot schadevergoeding niet was bewezen. De betaling werd aangemerkt als onzakelijke uitdeling binnen de fiscale eenheid.
Ten aanzien van de werknemersopties stelde het hof vast dat de waarde van de opties volgens de forfaitaire methode nihil was, omdat de uitoefenprijs was vastgesteld op 96% van de nominale waarde en de kapitaalvergoeding in de eerste jaren werd verminderd. Belanghebbende slaagde er niet in een hogere waarde aannemelijk te maken. Het hof bevestigde daarom dat de aftrek van de kosten van de opties niet gerechtvaardigd was.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank Haarlem en wees het hoger beroep af. De uitspraak is gedaan door een meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 30 januari 2008.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de schadevergoeding niet aftrekbaar is en dat de werknemersopties geen waarde hebben, waardoor aftrek niet gerechtvaardigd is.