ECLI:NL:GHAMS:2008:BG4346
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Afwijzing afwaardering lening aan failliete vennootschap in vennootschapsbelasting 1998
Belanghebbende, een BV die deelnam in een fiscale eenheid, had in 1998 een lening verstrekt aan een vennootschap (J) waarin een IT-project werd ontwikkeld. Deze vennootschap ging in 1999 failliet. Belanghebbende had de lening ultimo 1998 afgewaardeerd en deze afwaardering ten laste van de winst gebracht.
De inspecteur betwistte de afwaardering omdat er ultimo 1998 geen feiten en omstandigheden waren die een afwaardering rechtvaardigden. Het hof stelt vast dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de financiële situatie van J per 31 december 1998 aanleiding gaf tot afwaardering. De lening was volgens het hof niet verstrekt met het oog op zakelijke belangen van belanghebbende, maar om persoonlijke belangen van haar aandeelhouder te dienen.
Na het horen van getuigen en het bestuderen van bewijs concludeert het hof dat de afwaardering terecht is gecorrigeerd en verklaart het beroep ongegrond. De uitspraak bevestigt dat bij waardering van balansposten alleen rekening mag worden gehouden met feiten die per balansdatum bekend zijn, niet met gebeurtenissen daarna zoals het faillissement in 1999.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de afwaardering van de lening in 1998 wordt niet toegestaan.