ECLI:NL:GHAMS:2008:BG4347
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- P.F. Goes
- H.N. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen aanslag inkomstenbelasting en vergrijpboete 1999
Belanghebbende heeft voor het jaar 1999 aangifte gedaan van inkomstenbelasting met een belastbaar inkomen van f 31.394. De inspecteur legde op 25 november 2003 een aanslag op met een belastbaar inkomen van f 144.790 en een vergrijpboete van f 23.493. Belanghebbende diende op 8 januari 2004 een bezwaarschrift in, dat door de inspecteur niet-ontvankelijk werd verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna het hof het hoger beroep behandelde. Belanghebbende stelde dat de dagtekening van de aanslag vóór de dag van bekendmaking lag, waardoor de bezwaartermijn later zou zijn begonnen. Het hof oordeelde dat de aanslag op 21 november 2003 was opgelegd en ter post bezorgd, zodat de termijn op 26 november 2003 begon en het bezwaarschrift van 8 januari 2004 te laat was.
Verder oordeelde het hof dat geen afspraken waren gemaakt over toezending van het aanslagbiljet aan de gemachtigde en dat de kennisneming door de gemachtigde uiterlijk op 1 december 2003 plaatsvond. Ook werd het beroep op artikel 6:10 Awb Pro verworpen omdat niet aannemelijk was dat de besluiten ten tijde van het bezwaarschrift reeds tot stand waren of dat men dat redelijkerwijs kon menen.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaarschrift is niet-ontvankelijk wegens te late indiening.