ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ3782
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- E.M. Vrouwenvelder
- U.E. Tromp
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake misbruik van recht bij aftrek omzetbelasting ziekenhuisapparatuur
Belanghebbende, een commanditaire vennootschap met een beherend vennoot (B.V.) en een commanditaire vennoot (ziekenhuis), kocht ziekenhuisapparatuur en verhuurde deze aan het ziekenhuis. Belanghebbende bracht de omzetbelasting over de aankopen in aftrek, wat leidde tot een teruggaaf. De inspecteur legde een naheffingsaanslag op omdat hij meende dat sprake was van misbruik van recht.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, stellende dat belanghebbende de economische eigendom van de apparatuur aan het ziekenhuis had overgedragen en dus omzetbelasting over de levering verschuldigd was. In hoger beroep stelde belanghebbende onder meer dat zij geen levering aan het ziekenhuis had verricht en dat het leerstuk van misbruik van recht niet van toepassing was.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende wel ondernemer was en de apparatuur aan het ziekenhuis had geleverd. Het belastingvoordeel dat door de constructie werd behaald, was in strijd met de doelstellingen van de Zesde richtlijn en de Wet OB 1968. Het behalen van dit belastingvoordeel was het wezenlijke doel van de constructie. De jurisprudentie van het Hof van Justitie inzake misbruik van recht was ook van toepassing op de jaren in kwestie. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verwierp het beroep van belanghebbende.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd wegens misbruik van recht bij de aftrek van omzetbelasting.