ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ5995
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over urencriterium en zelfstandigenaftrek in inkomstenbelasting 2004
Belanghebbende, een ondernemer met een eenmanszaak, stelde in zijn belastingaangifte voor 2004 recht te hebben op zelfstandigenaftrek op grond van het urencriterium van 1225 uur. Hij overlegde een urenspecificatie die echter gebreken vertoonde, zoals uren op niet-bestaande data en het ontbreken van de schrikkeldag.
De inspecteur betwistte de juistheid van deze specificatie en stelde dat belanghebbende niet voldeed aan het urencriterium. Het hof oordeelde dat de urenspecificatie te globaal en onbetrouwbaar was om als voldoende bewijs te dienen. Hoewel de inspecteur eerder voor de jaren 2000 en 2001 instemde met een vergelijkbare specificatie, kon belanghebbende hieraan geen rechtens te beschermen vertrouwen ontlenen voor 2004.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank dat het beroep van belanghebbende gegrond had verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Hierdoor werd het standpunt van de inspecteur bevestigd dat geen recht op zelfstandigenaftrek bestond voor 2004.
De uitspraak werd gedaan door de vierde meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 20 augustus 2009. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de zelfstandigenaftrek voor 2004 wordt geweigerd wegens onvoldoende bewijs van het urencriterium.