ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ9426
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.M. van Amsterdam
- M.J. Leijdekker
- A.P.M. van Rijn
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag en vergrijpboete loonbelasting wegens ontbreken handtekening loonbelastingverklaring
Belanghebbende exploiteert een uitzendbureau en kreeg voor het jaar 1998 een naheffingsaanslag loonbelasting en een vergrijpboete opgelegd wegens het niet voldoen aan de verplichtingen van de Wet op de loonbelasting 1964. In het bijzonder ging het om een loonbelastingverklaring van een werkneemster, bekend onder de naam J., die niet was ondertekend. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de gegevens daadwerkelijk van de werknemer afkomstig waren.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de naheffingsaanslag en boete verminderd. De inspecteur ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. Het Hof overwoog dat de handtekening op de loonbelastingverklaring essentieel is om de herkomst van de gegevens te bevestigen. Het ontbreken ervan maakt toepassing van het anoniementarief terecht.
Belanghebbendes beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de eerdere controles van GAK Nederland BV en de Belastingdienst niet inhoudelijk op elkaar waren afgestemd. Ook de boete wegens grove schuld werd bevestigd. Het Hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag en vergrijpboete worden bevestigd.