ECLI:NL:GHAMS:2009:BK5034
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling stakingswinst bij inbreng onderneming en vermogensetikettering van atelierappartementsrecht
Belanghebbende, een beeldend kunstenaar en ondernemer, verkreeg in 1994 een certificaat van deelgerechtigdheid dat recht gaf op gebruik van een atelier in een pand met erfpachtbestemming. Dit certificaat werd in 2000 omgezet in een appartementsrecht met een gewijzigde bestemming tot atelier- annex woonruimte.
De kern van het geschil betrof de vraag of het appartementsrecht tot het privévermogen of het ondernemingsvermogen behoorde op het moment van staking van de onderneming door inbreng in een BV in 2002. Het hof oordeelde dat het certificaat en het daarop volgende appartementsrecht verplicht ondernemingsvermogen vormden, omdat het recht uitsluitend kon worden verkregen vanwege het kunstenaarschap en het gebruik als atelier. Ook bij subsidiaire kwalificatie als keuzevermogen had belanghebbende het recht tot het ondernemingsvermogen gerekend.
De stakingswinst werd vastgesteld op €180.162, en de aanslag inkomstenbelasting werd verminderd tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van €217.475. Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de rechtbank en de aanslag van de inspecteur, en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten van €966.
Uitkomst: Het hof stelt de stakingswinst vast op €180.162 en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van €217.475.