ECLI:NL:GHAMS:2009:BK9200
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- D.V.E.M. van der Wiel–Rammeloo
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loonheffing en vergrijpboete wegens grove schuld bij dienstbetrekking
Belanghebbende verrichtte scheepvaartdiensten en betaalde aan werknemers zonder loonheffing in te houden. De inspecteur legde naheffingsaanslag en vergrijpboete op wegens niet-naleving loonbelastingregels.
Het hof oordeelt dat belanghebbende wist of had moeten weten dat sprake was van een dienstbetrekking en dat verhaal op de werknemers ten tijde van uitbetaling feitelijk en rechtens niet mogelijk was. Het verzoek tot eindheffing wordt daarom terecht afgewezen.
De boete wordt bevestigd op 25% van de naheffingsaanslag, inclusief het bruteringsdeel. Vanwege overschrijding van de redelijke termijn wordt de boete met 5% verminderd. Het hof veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
De uitspraak vernietigt het vonnis van de rechtbank voor zover het de boete betreft en verklaart het beroep gegrond. De overige onderdelen van de uitspraak op bezwaar blijven gehandhaafd.
De zaak betreft een complexe beoordeling van loonbelasting, verhaalsmogelijkheden en toepassing van boetebepalingen binnen het bestuursrechtelijke belastingproces.
Uitkomst: Boete verminderd tot € 2.552 wegens termijnoverschrijding, naheffingsaanslag en boete bevestigd, proceskosten en griffierecht toegekend.