ECLI:NL:GHAMS:2010:BL0807
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over dienstbetrekking en naheffingsaanslag loonbelasting bij eenmanszaak CV B
Belanghebbende, eigenaar van de eenmanszaak CV B, voerde in 2004 en 2005 werkzaamheden uit met personeel waaronder E en A. De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen (lb/pvv) en een boete op wegens het niet afdragen van loonheffing over deze jaren. De rechtbank oordeelde dat in 2004 geen sprake was van een dienstbetrekking met E vanwege diens persoonlijke omstandigheden en beperkte werkzaamheden, maar dat in 2005 wel sprake was van een dienstbetrekking met E en A.
In hoger beroep stelt het Hof vast dat E in 2004 wel degelijk werkzaamheden verrichtte en daarvoor een passende beloning ontving, waarmee een dienstbetrekking is aangetoond. De administratie van belanghebbende vertoonde substantiële gebreken, waaronder een ondeugdelijke kasadministratie en het niet opnemen van lonen van E en A, wat leidt tot omkering en verzwaring van de bewijslast. De inspecteur heeft een redelijke schatting gemaakt van het loon en de verschuldigde loonheffing.
Het Hof vermindert de naheffingsaanslag tot € 39.478 en de boete tot € 17.765. Daarnaast veroordeelt het Hof de inspecteur tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, behalve het oordeel over proceskosten en griffierecht. Tegen deze uitspraak kan cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Hof vermindert de naheffingsaanslag tot € 39.478 en de boete tot € 17.765 en vernietigt de uitspraak van de rechtbank.