ECLI:NL:GHAMS:2010:BM3048
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Conversie van afroepovereenkomst naar arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bij fulltime werkzaamheden
De zaak betreft een geschil tussen [X] B.V. en werknemer [Y] over de kwalificatie van hun arbeidsrelatie. [Y] had een voorovereenkomst voor bepaalde tijd gesloten met [X], gevolgd door maandelijkse overeenkomsten voor fulltime werkzaamheden. Na beëindiging van de overeenkomst stelde [Y] dat hij van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd had verkregen op grond van artikel 7:668a BW.
De kantonrechter wees de vordering van [Y] toe en veroordeelde [X] tot betaling van loon en verstrekking van salarisspecificaties. [X] ging in hoger beroep en voerde aan dat sprake was van een voorovereenkomst zoals bedoeld in de cao, waardoor artikel 7:668a BW niet van toepassing zou zijn. Het hof oordeelde dat de maandelijkse fulltime overeenkomsten niet kunnen worden beschouwd als uitvoering van een voorovereenkomst in de zin van de cao, mede omdat geen sprake was van oproepen tot onregelmatige diensten.
Het hof benadrukte dat artikel 7:668a BW dwingend recht is en dat afwijking daarvan ten nadele van de werknemer slechts mogelijk is via een cao-bepaling die daadwerkelijk van toepassing is. Omdat [X] niet aannemelijk had gemaakt dat de cao-afwijking van toepassing was, werd geconcludeerd dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege voor onbepaalde tijd is ontstaan. De grieven van [X] werden verworpen en het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en bevestigt dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege voor onbepaalde tijd is ontstaan.