ECLI:NL:GHAMS:2010:BM4508
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- O.B. Onnes
- A.P.M. van Rijn
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks betwisting geldig parkeerkaartje
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting omdat zij stelde dat er een geldig parkeerkaartje in de auto aanwezig was naast het verlopen kaartje dat de controleur had vastgesteld. De rechtbank oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de parkeerbelasting was voldaan en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep werd betoogd dat een tweede geldig parkeerkaartje aanwezig was, verkregen van een collega, en dat de controleur mogelijk een fout had gemaakt. Het Hof overwoog dat de aantekening van de parkeercontroleur over de eindtijd van het kaartje onderdeel is van het bewijs dat de belasting niet was voldaan. De verklaring van belanghebbende en diens gemachtigde dat een ander kaartje aanwezig was, kon deze twijfel niet wegnemen, mede omdat dat kaartje niet via betaling was verkregen.
Het Hof concludeerde dat de heffingsambtenaar geslaagd was in het bewijs dat de parkeerbelasting niet was voldaan en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag parkeerbelasting bevestigd.