ECLI:NL:GHAMS:2010:BM7667
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- F.J.P.M. Haas
- J. den Boer
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting 2003 en vergrijpboete wegens niet opgegeven inkomsten
Belanghebbende deed aangifte inkomstenbelasting 2003 met een belastbaar inkomen van €27.800. De inspecteur stelde op basis van een kasopstelling een belastbaar inkomen van €168.161 vast en legde een vergrijpboete van 50% op wegens opzettelijk te laag aangeven.
Belanghebbende betwistte de kasopstelling en stelde onder meer dat de aankoop van een auto al in 2002 had plaatsgevonden en dat contante huurinkomsten en leningen niet waren meegenomen. Het hof oordeelde dat de door belanghebbende aangevoerde bewijsvoering onvoldoende was en dat de inspecteur aannemelijk had gemaakt dat er aanzienlijke niet opgegeven inkomsten waren.
De rechtbank had de boete verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn, maar het hof stelde vast dat de lange duur in hoger beroep aan belanghebbende te wijten was en wees verdere vermindering af. Het hof verklaarde het hoger beroep en het incidenteel hoger beroep ongegrond en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het hof bevestigt de aanslag inkomstenbelasting 2003 en de vergrijpboete van 50%, en verklaart het hoger beroep ongegrond.