ECLI:NL:GHAMS:2010:BM7670
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering ambtshalve vermindering belastingaanslagen
Belanghebbende verzocht de inspecteur om ambtshalve vermindering van de opgelegde aanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over de jaren 2000, 2001 en 2002. De inspecteur weigerde dit verzoek bij brieven van 10 mei en 19 juni 2006. Belanghebbende zag deze weigering als een voor beroep vatbare beschikking en stelde beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank verklaarde de beroepen niet-ontvankelijk, maar het Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de rechtbank zich onbevoegd had moeten verklaren omdat de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) een gesloten systeem van rechtsbescherming kent. Tegen een weigering tot ambtshalve vermindering staat geen beroep open bij de belastingrechter.
Het hof stelt dat in gevallen waarin aanslagen formele rechtskracht hebben verkregen, de belastingplichtige bij de burgerlijke rechter een vordering kan instellen tot ambtshalve vermindering. De rechtbank had dus niet de niet-ontvankelijkheid moeten uitspreken, maar de onbevoegdheid moeten vaststellen en aangeven dat uitsluitend de burgerlijke rechter bevoegd is.
Het hof vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaart de belastingrechter onbevoegd en gelast dat de inspecteur het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoedt. De uitspraak is gedaan door de belastingkamer van het hof op 3 juni 2010.
Uitkomst: De belastingrechter is onbevoegd verklaard en de rechtbankuitspraak vernietigd; alleen de burgerlijke rechter is bevoegd tot beoordeling.