ECLI:NL:GHAMS:2010:BN1823
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting 2004 ondanks betwisting vermogen en onderhoud
Belanghebbende werd door de inspecteur ambtshalve aangeslagen voor een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 75.000 over het jaar 2004, nadat hij geen tijdige aangifte had gedaan. Na bezwaar en een ongegrond verklaard beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in tegen de aanslag.
Tijdens het hoger beroep werd vastgesteld dat belanghebbende drie auto's op zijn naam had, waaronder een BMW M3 Cabrio met een geschatte aanschafwaarde van € 55.000. Belanghebbende stelde dat hij in 2004 geen inkomsten had genoten en dat hij leefde van een erfenis uit 2003 en ondersteuning van familieleden. Ter zitting overhandigde hij een getuigenverklaring van twaalf personen die verklaarden dat hij een erfenis van 950.000 Dirhams had ontvangen, maar hij kon geen testament of bewijs van ontvangst en omwisseling overleggen.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de uitspraak op bezwaar onjuist was en dat de schatting van het inkomen door de inspecteur redelijk was. De omstandigheid dat belanghebbende later alsnog aangifte deed, deed niet af aan zijn bewijslast. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de aanslag van € 75.000 is bevestigd.