ECLI:NL:GHAMS:2010:BN4106
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.P.M. van Rijn
- J.P.A. Boersma
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over zelfstandigheid gehuurde kantoorunit voor Wet WOZ
Belanghebbende, vennoot van een VOF, maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van een gehuurde kantoorunit. De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld en de beschikking aan belanghebbende bekendgemaakt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de kantoorunit als zelfstandig object moest worden aangemerkt.
In hoger beroep bevestigt het Hof dat de beschikking terecht aan belanghebbende is bekendgemaakt. Het Hof stelt echter anders dan de rechtbank vast dat het object geen zelfstandig geheel vormt volgens artikel 16, aanhef en onder c, van de Wet WOZ, omdat het geen eigen toilet- en watervoorzieningen heeft en gebruikers aangewezen zijn op gezamenlijke voorzieningen elders in het gebouw.
Het Hof vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en de beschikking van de heffingsambtenaar. Tevens veroordeelt het Hof de heffingsambtenaar tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan belanghebbende. De uitspraak is gedaan door een meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 8 juli 2010.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank en oordeelt dat de kantoorunit geen zelfstandig object is in de zin van de Wet WOZ.