ECLI:NL:GHAMS:2010:BO3698
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.E. Kostense
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Hof bevestigt navorderingsaanslag wegens uitdeling vastgoedproject met stille reserve
Belanghebbende, aandeelhouder en directeur van Y Holding B.V., deed voor 1999 aangifte met een belastbaar inkomen van ƒ 526.353. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op van ƒ 1.637.899 wegens een vermeende uitdeling in verband met de overdracht van een vastgoedproject (winkelcentrum K). De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond en verminderde de aanslag. Het Hof Amsterdam bevestigt echter dat de inspecteur terecht een uitdeling heeft vastgesteld.
De kern van het geschil betreft de waardering van het vastgoedproject en de vraag of de betaling aan H Projectmanagement B.V. een afkoopsom was of de waarde van het aandeel in het project representeerde. De notaris C verklaarde dat hij aanvankelijk uitging van een meerwaarde van ƒ 4.500.000, maar later bleek dat dit een misinterpretatie was. Het Hof weegt echter de akte van verdeling van 11 mei 1999, de betaling van overdrachtsbelasting over ƒ 4.665.861 en de verkoopakte van 16 september 1999 zwaar en concludeert dat de waarde van het project op die datum ƒ 13.997.583 bedroeg.
Het Hof oordeelt dat de stille reserve in het project per firmant ƒ 1.111.546 bedroeg en dat deze waarde op 16 september 1999 minimaal gelijk was aan die van 11 mei 1999. Belanghebbende en Y Holding B.V. waren zich bewust van deze waardeverschuiving die als uitdeling van winst moet worden aangemerkt. Het Hof verwerpt het standpunt van belanghebbende dat de betaling een afkoopsom betrof en bevestigt dat de inspecteur de navorderingsaanslag terecht heeft opgelegd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat de inspecteur terecht een uitdeling heeft vastgesteld en verklaart het hoger beroep ongegrond.