ECLI:NL:GHAMS:2010:BX3472
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over totstandkoming en nakoming raamovereenkomst tussen BV's over overname en levering
Partijen, twee besloten vennootschappen, voerden een geschil over de totstandkoming en nakoming van een raamovereenkomst en een overnameovereenkomst. [A] stelde dat op 1 december 2004 een definitieve overeenkomst was gesloten, terwijl VelopA dit betwistte en sprak van een intentieverklaring met openstaande essentiële punten zoals overnamesom, datum en waardering van voorraden.
Het hof concludeerde dat er geen volledige wilsovereenstemming was bereikt over het gehele contract, maar dat wel een intentieverklaring bestond gericht op het sluiten van een verdere overeenkomst. De rechtbank had eerder geoordeeld dat [A] onvoldoende bewijs had geleverd voor een afnameverplichting van VelopA onder het raamcontract NS, maar het hof oordeelde dat VelopA wel gehouden was de bestellingen van Armada/ProRail af te nemen en dat het staken van afname in 2005 een toerekenbare tekortkoming was.
De partijen wisselden uitgebreide e-mailcorrespondentie over de onderhandelingen, waarbij onenigheid bestond over omzetcijfers en contractuele voorwaarden. Het hof stelde dat de zaak wordt aangehouden en verwees partijen naar een comparitie om de uitgangspunten voor schadeberekening te bespreken. Tevens werd het incidenteel hoger beroep van VelopA verworpen omdat het belang daarvan verviel door de gewijzigde eis.
De zaak betreft complexe contractuele interpretatie, bewijslevering en schadevaststelling in een langdurige zakelijke relatie met meerdere onderhandelingen en correspondentie over levering en overname.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat geen definitieve overeenkomst is gesloten maar VelopA tekort is geschoten in nakoming; de zaak wordt aangehouden voor nadere schadevaststelling.