ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ9719
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- J.W. Hoekzema
- H.J.M. Boukema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing opzegging huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik bij structurele wanverhouding
In deze zaak gaat het om een hoger beroep tegen een vonnis van de kantonrechter Alkmaar waarin de opzegging van een huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik werd afgewezen. De huurder woont sinds circa 1980 in een vrijstaande woning met atelier, waarvan de WOZ-waarde recentelijk is gestegen. De verhuurder heeft meerdere keren geprobeerd de huurovereenkomst te beëindigen vanwege financiële verliezen en plannen tot sloop en nieuwbouw.
De kantonrechter had vastgesteld dat er sprake was van een structurele wanverhouding tussen de exploitatiekosten en de huuropbrengsten, maar oordeelde dat de verhuurder deze wanverhouding moest voortzetten vanwege het grote woonbelang van de huurder. Het hof bevestigt deze belangenafweging en oordeelt dat de verhuurder onvoldoende urgentie heeft aangetoond om het woonbelang van de huurder te laten wijken.
Het hof overweegt dat de investering in nieuwbouw vooral een herschikking van vermogen betreft zonder vermindering van kapitaalslasten en dat het rendement op het spaartegoed verloren gaat. Ook is het belang van de huurder groot vanwege langdurige bewoning en gehechtheid aan de woning. De opzegging wordt daarom niet toegestaan en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering tot beëindiging van de huurovereenkomst af.